Cox Habbema (1944 – 2016)

Foto Wikipedia. Cox Habbema in 1986

Maandag 18 april 2016 is voormalig theaterdirecteur, regisseur en actrice Cox Habbema overleden. Ze werd 72 jaar. Zaterdag 23 april is ze in besloten kring begraven op Zorgvlied. Habbema leed al enige jaren aan de ziekte van Alzheimer. Het grote publiek kende haar vooral als actrice maar ze was ook regisseur, schrijver, radiopresentator en theaterdirecteur (Stadsschouwburg Amsterdam, 1986 – 1996).

Cox Habbema werd op 21 maart 1944 in Amsterdam geboren. Ze studeerde acteren en regie aan de Toneelschool Amsterdam. In 1967 debuteerde ze bij Toneelgroep Centrum. Van 1969 tot het midden van de jaren tachtig leefde en werkte ze grotendeels in Oost-Berlijn. Behalve actrice, was ze ook theaterregisseur en van 1986 tot 1996 directeur van de Stadsschouwburg in Amsterdam. Café Cox, de horecagelegenheid in die schouwburg, is naar haar vernoemd.

Op televisie was Habbema begin jaren negentig te zien in de serie Medisch Centrum West. Ook had ze een gastrol in Het Glazen Huis. Filmrollen had Habbema in onder meer Dokter Vlimmen en De komst van Joachim Stiller. In 1982 speelde ze een hoofdrol in De stilte rond Christine M.

In 2002 publiceerde Habbema haar biografie: Mijn koffer in Berlijn.

Minister Jet Bussemaker was een van de vele prominenten die reageerden op het overlijden van Habbema. De bewindsvrouw refereerde vooral aan Habbema’s werk als directeur van de Stadsschouwburg: ‘Ze droeg zeer veel bij aan het toegankelijker maken van het theater voor groepen die niet zo snel naar de schouwburg zouden komen.’ Die functie bracht haar wel in conflict met de artistiek leider van Toneelgroep Amsterdam, Gerardjan Rijnders. Trouw-recensent Hanny Alkema zegt hierover: ‘De weg die de Toneelgroep Amsterdam koos, sloot niet aan bij wat zij wilde. ‘Habbema was volgens Rijnders veel te behoudend. Habbema was een vrouw met veel inzicht in kunstbeleid en ze was zeer ambitieus. Ze wist als directeur en in haar bestuursfuncties goed de balans te vinden tussen de artistieke prestaties en de financiële consequenties.’

Na haar afscheid van de Amsterdamse Schouwburg was ze actief in bestuurlijke functies op cultureel gebied, zoals het voorzitterschap van de Federatie van Kunstenaarsverenigingen. ‘Waarom zou ik me niet buiten het toneel begeven.’, vroeg ze zich af in een interview met dagblad Trouw, uit 2002. ‘Kunstenaars hebben zo’n bizarre creativiteit. Daar zou ook het bedrijfsleven veel meer gebruik van kunnen maken. Toen het goed ging met de economie, wisten veel bedrijven van gekkigheid niet wat ze met hun geld moesten, omdat het ze vaak aan voldoende creativiteit ontbreekt. Kunstenaars kunnen in dit opzicht veel toevoegen.’, aldus Habbema in dat interview.

Een bekende anekdote over Habbema was haar korte affaire met de Franse zanger Charles Aznavour, in 1963. Habbema was toen 19-jaar, Aznavour 39. Habbema was een regelmatige bezoeker van zijn concerten en raakte zo met hem in contact.

In 2007 was Cox Habbema nog voorzitter van de Libris Literatuur Prijs. Daarna kwam ze steeds minder in de publiciteit en leidde ze met haar echtgenoot (Herman van Gunsteren, hoogleraar Politieke Theorieën en Rechtsfilosofie aan de Universiteit Leiden en tevens een begenadigd pianist) een teruggetrokken leven in Amsterdam Zuid. Daar was ze met haar man en vrienden een regelmatige bezoeker van het aldaar bekende café Welling (hoek Johannes Verhulststraat, vlak achter het Concertgebouw).